Tips - en meer - uit de praktijk voor bij de raad betrokken personen

De veegwet veegt niet helemaal schoon

De Veegwet veegt niet helemaal schoon. Er blijft nog van alles achter. Nog een keer vegen of…..

De Tweede kamer heeft onlangs de ‘Veegwet’ (het wetvoorstel ter wijziging van institutionele bepalingen van het decentrale bestuur) besproken. De Eerste Kamer komt nog aan bod.De term ‘Veegwet’ is een bonte verzameling van allerlei onderwerpen op het gebied van de lokale democratie – de gemeente - die zich sinds 2009 heeft aangediend en hierin is samengebracht (de wet wordt daarom ook wel de ‘Verzamelwet’ genoemd).

Het parlement heeft een groot aantal wijzigingen in het voorstel van de minister aangebracht. Dat deert Plasterk niet. Hij is tevreden over het resultaat. Wat heeft hij binnen gehaald en waar heeft hij veren moeten laten vallen? Wil je inhoudelijke weten waar wijzigingen zijn doorgevoerd kijk dan op deze site onder het kopje leesvoer. Daar ga ik inhoudelijk in op de wijzigingen. Daar gaat het in deze blog niet over. Waarom dan nog een blog?

De discussie over de inrichting van het lokale bestuur is door deze Veegwet nog (lang) niet afgelopen. Het is nu al duidelijk dat er op termijn nog een wijziging komt, waarin opnieuw een aantal zaken bij elkaar wordt geharkt. Terwijl de huidige Veegwet, die al meer dan vijf jaar onderweg is, nog niet is afgerond. Los van de lange doorlooptijd is het opvallend dat veel van de plannen van de minister tijdens de behandeling in de Tweede Kamer zijn gewijzigd en soms gesneuveld.

Daar is op zich niks mis mee, zo werkt de democratie. De minister bereidt voor en de Kamer beslist. Rode draad in de besluitvorming van de Kamer is dat deze voor wat betreft kwesties van de lokale democratie vooral de lokale politiek de ruimte wil bieden om zaken zelf op te lossen. Maatwerk en lokale oplossingen dus, zonder dwingende regels. Vanuit het perspectief van de lokale overheid is daar ook niet veel mis mee.

En toch… Wordt het nu niet eens tijd om de hele Gemeentewet in één keer goed tegen het licht te houden en bij de ‘duale’ tijd te brengen? Maar dan wel fundamenteel en goed voorbereid; zodanig dat alles in samenhang wordt bekeken en zonder een kakofonie aan amendementen, moties, politieke reflexen en stokpaarden. In de kern is de Gemeentewet al 163 jaar oud - of jong voor de optimisten onder ons - en geschreven in de context van toen. (Opnieuw) vegen is niet meer voldoende. Daar wordt de bestuurlijke st(r)aat niet schoon van.

De vraag stellen is de vraag beantwoorden, lijkt me.

(De griffier, 22 juni 2014).